Overgang na borstkanker
Anti-hormonale therapie (tamoxifen, aromataseremmers) of chemotherapie zet je in een overgang, vaak heftiger dan gemiddeld, en de gebruikelijke oplossing (oestrogeen) mag meestal niet. In de reacties die wij lazen is dit de groep die zich het meest vergeten voelt. Toch kan er meer dan je meestal te horen krijgt.
Opvliegers zonder hormonen
Niet-hormonale medicijnen: fezolinetant (nieuw, werkt op de thermostaat in de hersenen), venlafaxine of andere SSRI/SNRI in lage dosis (let op: paroxetine en fluoxetine niet bij tamoxifen), gabapentine, oxybutynine, clonidine. Cognitieve gedragstherapie en acupunctuur hebben bewijs voor minder last.
Droogheid en pijn bij seks
Hyaluronzuur-gel en glijmiddel zijn de eerste stap. Lokaal oestrogeen in zeer lage dosis wordt door veel oncologen in overleg toegestaan als niet-hormonale middelen onvoldoende helpen. Vraag het expliciet; het wordt zelden spontaan aangeboden.
Botten en gewrichten
Aromataseremmers versnellen botverlies en geven gewrichtspijn. Krachttraining, vitamine D en calcium zijn extra belangrijk; een botdichtheidsmeting hoort erbij.
Supplementen: voorzichtig
Kruiden met oestrogeenachtige werking (rode klaver, soja-isoflavonen in hoge dosis, zilverkaars, hop) worden bij hormoongevoelige borstkanker afgeraden. Magnesium, vitamine D en omega-3 zijn meestal geen probleem, maar meld alles wat je slikt aan je behandelteam.
Algemene voorlichting, geen medisch advies. Bespreek jouw situatie met je huisarts, gynaecoloog of overgangsconsulent.